Een wereldoorlog van wereldbeelden

In bijna alle delen van de wereld leven christenen in multireligieuze samenlevingen. Dit is niet alleen een uitdaging voor individuen, maar zeker ook voor de staat en de kerk. De kerk bijvoorbeeld is hard op zoek naar een nieuw begrip en interpretatie van de gemeente. Prof. Hans Küng, een Duitse Roomse vrijheidstheoloog beschrijft dat als volgt: “There will be no peace among the nations without peace among the religions. There will be no peace among the religions without a dialogue among the religions.”1)

Deze manier van denken is ook gangbaar binnen de Wereldraad van Kerken. Dat is al sinds het in 1971 gestarte programma ‘Dialogue with People of Living Faiths and Ideologies’. Dit programma richt zich niet zozeer op het culturele mandaat (Gen. 1:28) of op de zendingsopdracht (Matt. 18:18-19) maar veel meer op het stimuleren van kerken om andere religies te accepteren. Het Culturele mandaat en de zendingsopdracht maken ons duidelijk dat alles onder de heerschappij van God gebracht moet worden. De ‘Dialogue with People of Living Faiths’ stimuleert echter religieuze vergiffenis en integratie. Sindsdien is het interfaith gebed, de interfait aanbidding en de interfaith actie meer en meer gemeengoed geworden. Het ‘Nieuwe Zuid-Afrika’ bijvoorbeeld werd ontvangen in termen van een multiculturele interfaith oriëntatie. Het voormalige christelijke fundament werd afgeschaft en een seculier systeem werd aangenomen. En ondanks dat het christendom dominant was werden alle religies op gelijke voet gesteld. De christelijke levensuiting werd verwijderd uit het publieke domein en het christelijk onderwijs uit de scholen. Dit met het oog op het versterken van de sociale harmonie, maar de gehoopte vrede bleef uit. Zuid–Afrika raakte verstrikt in een golf van immoraliteit en criminaliteit.

De open houding van de Wereldraad van Kerken ten opzichte van andere religies begon in de vroege jaren van haar bestaan. In 1961 verenigde de Wereldraad van Kerken de belangrijkste zendingsgebieden onder haar beheer. Tien jaar later kwam zij met een aantal aanbevelingen. De kerk moet zich niet langer richten op het uitzenden van missionarissen naar de Derde Wereld, maar kan haar geld beter inzetten voor nieuwe manieren van zendingsonderwijs (in de Eerste Wereld), en voor de ondersteuning van vrijheidsbewegingen (in de Derde Wereld). Deze nieuwe oriëntatie werd de “World Mission” genoemd. Een oriëntatie die schrijnend tekort doet aan de zendingsopdracht van Christus en Gods verlangen om Zijn grootheid en heiligheid te tonen voor het aangezicht van vele heidenvolkeren (Ezechiël 38:23).2)

Veel van de bij de Wereldraad van Kerken aangesloten kerken volgden deze nieuwe oriëntatie. In plaats van het evangelie aan de heidenen te verkondigen ging men in gesprek met hen. In 1990, in Baar bij Zürich, publiceerde de Wereldraad van Kerken een studie: “Het geloof van mijn buurman en mijn geloof – Theologische ontdekkingen door interfaith dialoog.” Deze studie verklaarde dat mensen van welk geloof of religie gered konden worden zonder de Christus te kennen. “We kunnen geen grenzen stellen aan de reddende kracht van God…” volgens de Baar verklaring. “De God die we kennen in Jezus Christus kan ons ook in de levens van onze buren of andere religies tegemoet komen (…) We moeten verder kijken dan een theologie die de redding begrensd tot een persoonlijke toewijding aan Jezus Christus”. Op deze wijze ontkennen zij dat Jezus de Weg de Waarheid en het Leven is, en dat niemand tot de Vader komt dan door Hem (Johannes 14:6).

De Heilige Geest woont niet alleen in christenen, zo zeiden zij, maar ook in niet-christenen. Aartsbisschop Desmond Tutu, een voormalig medewerker van de Wereldraad van Kerken stemt hiermee in door te zeggen: “De Heilige Geest is niet gelimiteerd aan de Christelijke kerk. Bijvoorbeeld Mahatma Gandhi, een Hindu (…) de Heilige Geest schijnt door hem.”3) Een van zijn beste vrienden is de Dalai Lama die door velen gezien wordt als een levende god.
De ‘dialoog ideologie’ van de Wereldraad van Kerken is binnen diverse programma’s van de kerken binnengeslopen. Een voorbeeld is de liturgie tijdens de Women’s World Day of Prayer in 2013. Deze internationale bidstond is begonnen als een dag voor gebed voor binnenlandse en buitenlandse zendingsmissies. Maar dit jaar was het thema van de bidstond “Ik was een vreemdeling en u hebt mij verwelkomd.” Het kenmerkte zich door religieus pluralisme en de nadruk lag op migratie en immigranten. Een van de gelezen gebeden was: “We bidden voor families waarvan één van de ouders of beide van buitenlandse komaf zijn (…) We bidden met hen als zij hun religieuze en culturele waarden integreren.” Heeft God ons verteld om religieuze waarden te integreren – licht en duisternis, waarheid en leugen, Christus en Belial? (2 Korinthe 6:14-18) Jezus wil dat we onze gezinnen onderwijzen, en inderdaad de gehele wereld, “Lerende hen onderhouden alles wat Ik u geboden heb.” (Mattheüs 28: 19) “En de zaligheid is in geen ander; want er is ook onder de hemel geen andere naam, die onder de mensen gegeven is, door welken wij moeten zalig worden.” (Handelingen 4:12)

Vele christenen geloven dat de Wereldraad van Kerken is veranderd sinds haar radicale dagen. Maar het lezen van de ‘New Ecumenical Mission Affirmation’ is teleurstellend. Deze Missie is voorbereid voor de 10e Generale vergadering in Busan in Korea dit jaar. Het laat zien dat de prioriteiten van de Wereldraad van Kerken niet wezenlijk zijn veranderd. Volgens het document ‘moeten kerken hun machtsstructuren veranderen’ en moeten ‘zendingsmissies van onderop komen’. Verder zal ‘Gods heerschappij gevestigd worden door human rights, gender justice en climate justice (…)’, maar ‘niet onder kapitalistische voorwaarden’. Herinnert ons dit niet aan het marxistische Zuid-Afrikaanse Kairos Document (1986), die de scheuring van Kerk en Staat eiste? De zendingsopdracht, dat wil zeggen: het christelijke Proselitisme, is volgens de Wereldraad van Kerken geen legitieme manier om het evangelie te praktiseren. “Het is veelmeer de verkondiging van het evangelie die de verandering van samenlevingen met het oog op een meer rechtvaardige en insluitende gemeenschap erbij betrekt.”

‘Verandering van de samenleving’ is de leus in de ‘World Mission’. Het is niet de vernieuwing van het hart door het reddende werk van Christus. Maar Jezus is niet gekomen om structuren te vernieuwen. Hij kwam om zondaren te redden! De Wereldraad van Kerken heeft de kerk op een dwaalspoor gezet door te claimen dat mensen gered kunnen worden zonder de Christus te kennen. En dat Zijn Geest hen leidt is godslastering. Het heeft zowel de kerk als de samenleving verzwakt.

Een wereldoorlog van wereldbeelden is ontstaan. Bijbelgetrouwe christenen zien zich geplaatst voor krachten die streven naar een wereldregering en een wereldreligie. De kerk moet al haar kracht verzamelen om de Waarheid van de Schrift te herwinnen.
In 2017 is het 500 jaar geleden dat Maarten Luther zijn 95 stellingen aan de deur van de slotkapel te Wittenberg spijkerde. Deze moedige daad maakt het verlangen naar de waarheid en een herontdekking van de Bijbel, en een vernieuwde liefde tot Jezus Christus levendig.
In de hoop dat God zijn volk opnieuw zal oprichten heeft de Coalition on Revival (USA en RSA) een vijfjarenplan gelanceerd om onze congregaties te hervormen. Dr. Peter Hammond van Frontline Fellowships verklaart: “Dit plan loopt parallel aan het zevenjarenplan om onze gemeenschappen te hervormen, met als toppunt de herdenking van het 500 jarige jubileum van de protestantse reformatie in Zwitserland (1519) door Ulrich Zwingli. Naast deze twee bewegingen zal een negenjarenplan worden gelanceerd om onze naties te hervormen. Dit plan zal uitmonden in de herdenking van de Rijksdag te Worms (18 april 1521) toen Maarten Luther zich verdedigde en zei: Hier sta ik, ik kan niet anders!

1.Interfaith Dialogue, Wikipedia.
2. Peter Beyerhaus , Krise und Neuaufbruch der Weltmission. 1987
3. St. Alban’s Cathedral, Pretoria, 23.11.75. De Aartsbisschop en de Bijbel, Gospel Defence League 1989.