Huwelijk van de president

Het jaar 2010 begon in Zuid-Afrika met een huwelijk van de president Jacob Zuma. Op 4 januari 2010 trouwde hij met zijn vijfde vrouw, Thobeka Madiba. Ze is de derde in de kring van zijn huidige vrouwen, d.w.z. zijn hoofdvrouw Sizakele Khumalo en Nompumelelo Ntuli, met wie hij twee jaar geleden trouwde. Van Nkosasana Dlamini Zuma, de Zuid-Afrikaanse minister van Binnenlandse Zaken is hij gescheiden.  Zijn andere vrouw, Kate Mantsho, pleegde zelfmoord in 2000. Hij heeft ook nog twee verloofden en wel Bongi Ngema, voor wie de volle bruidsprijs reeds betaald is, en de Swasi prinses Sebentile Dlamini, voor wie hij 10 koeien als aanbetaling heeft gedaan*. Jacob Zuma heeft officieel 19 kinderen. In oktober vorig jaar is een buitenechtelijk kind van hem geboren, een dochter genaamd Tandekile Martina Zuma. De moeder is een dochter van voetbalbaas Irvin Khoza. Polygamie is een belangrijk bestanddeel van de Zoeloe cultuur en is in Zuid-Afrika wettelijk toegestaan.


Toch kwam het tot een heftig openbaar debat. “Is de veelwijverij wel goed?” vroeg men in kerken en in de media. De zwarten, in het bijzonder de Zoeloes, bewonderen hun in het Afrikaanse stamgebruik verankerde staatshoofd, maar bovenal rezen christelijke (ook zwarte) stemmen op, die zich voor het monogame huwelijk uitspraken. Want in het Mattheüsevangelie staat: “Hebt gij niet gelezen, Die van den beginne den mens gemaakt heeft, dat Hij hen gemaakt heeft man en vrouw? En gezegd heeft: Daarom zal een mens vader en moeder verlaten en zal zijn vrouw aanhangen, en die twee zullen tot één vlees zijn? Alzo dat zij niet meer twee zijn, maar één vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet” (Mattheüs 19:4-6). Ook Paulus heeft in de eerste brief aan de gemeente van Korinthe gezegd: “ een iegelijk man zal zijn eigen vrouw hebben, en een iegelijke vrouw zal haar eigen man hebben” (1 Kor. 7:2). Kerkleiders moeten het goede voorbeeld geven: “Dat de diakenen éner vrouwe mannen zijn, die hun kinderen en hun eigen huizen wel regeren”(1 Timotheüs 3:12).

Hoewel er in de Bijbel vele voorbeelden van veelwijverij staan, toont zij toch steeds weer haar kwade gevolgen aan. Abraham moest Hager en Ismaël verstoten. Ezau verloor zijn erfrecht, Jakob had veel verdriet om zijn lievelingszoon. David moest zich tegen rivaliserende zonen verweren en Salomo viel van God af. De monogamie, die onze beschaving bepaalt, is de maatschappelijke orde, die God primair bedoeld heeft. Zij verleent aan het gezin respect en waarde. Zij versterkt de liefde en biedt de kinderen een veilig toevluchtsoord. In haar vinden vrouwen en nakomelingen achting en bescherming, die in het polygame heidendom haar gelijke niet kent.

Studieresultaten
Het jaar 2010 begon echter ook met een grote teleurstelling. Begin januari werden de studieresultaten bekend van Zuid-Afrikaanse eindexamenkandidaten in het middelbaar onderwijs. Weliswaar zijn meer studenten als voorheen aan een universiteit toegelaten, maar de eindcijfers zijn gemiddeld met 10% tot 60,7%  gezakt, vooral voor de vakken wiskunde, natuurwetenschap en boekhouding. En dat, terwijl een vijfde van de rijksbegroting voor onderwijs uitgegeven wordt.
Het is in het bijzonder het verlies van christelijke principes in het staatsschoolsysteem, dat zich pijnlijk doet gevoelen. Want terwijl openbare scholen vaak verwaarloosd zijn en veel problemen hebben, maken christelijke scholen en huisscholen melding van goede resultaten.
Examenkandidaten op de christelijk-Afrikaanse CVO-scholen hebben bijvoorbeeld een slagingspercentage van 99%  en bijzonder goede cijfers voor de natuurwetenschappelijke vakken behaald**. Op de missie ‘KwaSizabantu’ in Natal, in de school ‘Domino Servite’, blonk zelfs een leerling uit, die vroeger vanwege drugsverslaving en geweld uit een staatsschool verbannen was***. Dit bevestigt weer het beginsel “De vreze des HEEREN is het beginsel der wetenschap” (Spreuken 1:7).

Reeds voordat al deze resultaten bekend waren, had Dr. Erich Leistner, de voormalige directeur van het Afrika Instituut in zijn ‘Zuid-Afrika jaaroverzicht 2009’ onder de titel “Opvoeding en onderwijs” als volgt geschreven: “Hier liggen de nalatigheden, die langlopend en met ernstige gevolgen zijn.  In mei berichtten Experts de minister: ‘ …voor alle praktische doeleinden is de cultuur van het onderwijzen en het leren verdwenen, in het bijzonder in landelijke gebieden en Townships. Rond de 80% van alle scholen worden als disfunctioneel aangeduid. Deskundigen spreken van een ‘nationale catastrofe’.
Ter gelegenheid van de resultaten van de laatste jaren van de steeds eenvoudiger wordende examens, zegt men, dat nu het wachten is op het weer mislukken van het grootste deel van de onvoldoende voorbereide generatie van leerlingen. De slechte prestaties van het onderwijs beginnen al in de eerste schooljaren en worden daarna doorlopend versterkt. Volgens Graeme Bloch, een deskundige, bezat slechts 0,1% van de groep 6 (3e graad) leerlingen in de Townshipscholen van de Westkaap de noodzakelijke kennis van lezen, schrijven en rekenen, vergelijken met 62% van de leerlingen in voormalige witte scholen. Terwijl ongeveer 1 op de 10 blanke examenkandidaten met het cijfer A van school gaat, is het bij de zwarten 1 op de 1.000.
Terecht wordt er op de ontoereikende uitrusting van veel zwarte scholen gewezen – 79,5% heeft geen bibliotheek, 17% geen stroom en 31% is van water uit een put of van regenwater afhankelijk – en toch zijn kenners het erover eens, dat het eigenlijke probleem niet zo zeer het gebrek aan hulpmiddelen, maar de kwaliteit van het onderwijs is. Aan bijscholing van de overwegend onvoldoende gekwalificeerde leraren wordt praktisch niets gedaan, en sinds jaren blijft het bij praten vanwege heropening van de spoedig na 1994 gesloten lerarenseminaries. Op aandringen van de lerarenvakbonden werden schoolinspecteurs, alsmede andere controles op resultaten afgeschaft en de onderscheiding van bekwame leraren ontmoedigd.”

Christenen, kerken en missies
De socialisten en communisten beweren graag, dat al het goede van hen komt en dat de christenen weinig gepresteerd hebben. Het tegendeel is echter het geval. De christenen zijn ook vandaag de dag  nog in Zuid-Afrika zeer actief en nemen grote verantwoordelijkheden op zich. Ze evangeliseren, geven les, leiden op, zamelen in en helpen, waar ze maar kunnen. Haast elke christen heeft een soort privémissie, nagenoeg elk is een barmhartige Samaritaan. Ieder houdt zich aan het principe: “Word van het kwade niet overwonnen, maar overwin het kwade door het goede”(Romeinen 12:21). Vaak worden de Zuid-Afrikanen daarbij door overzeese christenen gesteund. Amerikaanse gemeenten bijvoorbeeld hebben hele containers met Bijbels gestuurd, en de ‘Frontline Fellowship Mission’ heeft deze in Afrikaanse landen verdeeld. Ook de Koreanen doen aan zending in Zuid-Afrika. Overal zijn er ook jonge vrijwillige ontwikkelingswerkers. De charismatische kerken zijn bijzonder levend, en erg succesvol is ook de missie “KwaSizabantu”. In Natal evangeliseert een aardappelboer met de naam Angus Buchan. Elk jaar organiseert hij op zijn boerderij een “ontmoeting van machtige mannen”. Dit jaar zullen meer dan 200.000 mannen daaraan deelnemen. Ook de stichtingen die de Bijbel verspreiden zijn actief. Het bijbelgenootschap, de radiostations, de christelijke en de huisscholen, allen vervullen de grote opdracht van Christus. In Stellenbosch is een ondernemer, André Venter, die op eigen kosten een poster van de smalle en de brede weg drukt en uitdeelt.
Een door hemzelf aangestelde Indische evangelist heeft al meer dan 2 miljoen exemplaren ervan in scholen en kerken in binnen- en buitenland gratis uitgedeeld.
Maar niet alle christenen en kerken zijn even effectief. Velen lijden nog aan een door de ‘bevrijdingstheologie’ opgeroepen schuldcomplex en hebben niet de moed, Jezus Christus vrij en openlijk te belijden. Daarmee maken ze het tweede gebod tot het eerste, als ze ten onrechte zeggen: het eerste gebod is “Houdt van je naaste als van jezelf” en ze doen alles wat goed voor hem is. Maar Christus heeft gezegd: “Het belangrijkste gebod is… gij zult den Heere uw God liefhebben uit geheel uw hart en uit geheel uw ziel en uit geheel uw verstand en uit geheel uw kracht”(Markus 12:29-30). Wie zich aan deze volgorde houdt, kan op Gods volle zegen en op succes hopen.
Moge de Heere God u rijkelijk zegenen en u veel succes schenken. Want wie maar de goede God laat zorgen en op Hem hoopt te allen tijd, die zal Hij wonderbaar behouden. Wie op de Allerhoogste vertrouwt, die heeft op geen zand gebouwd.

* Mail & Guardian, All the president’s woman, 7.1.2010
** Die Afrikaner, Afgelope Matriekuitslae van CVO-skole 99%, 15-21 Januari 2010
*** Sunday Times, ‘Hopeless pupil’ stuns everyone, 3.1.2010

Trefwoorden: