De Zuid-Afrikaanse regering doet haar uiterste best om steeds meer rijksambtenaren te recruteren uit de niet-blanke rassen. Het gevolg is dat hoge posten bezet worden door onervaren amb­tenaren, terwijl ervarenen in grote aantallen met grote bedra­gen uitgekocht worden. Dit wordt dui­delijk ge­zien in het justi­tiële apparaat.

Stephen Mulholland schreef in de Sunday Times van 23 februa­ri j.l. “Elke dag brengt nieuwe bewijzen dat onze regering zich blindelings in het afrikaniseringsproces stort. Zij antwoordt geprikkeld op elke vorm van kritiek. Arbeidsplaatsen worden voor zwarten gereserveerd; het gevolg is dat velen een baan ontvangen die ze niet kunnen uitvoeren. Mensen wier capaciteit­en onbetaalbaar zijn en die veel ervaring hebben gaan met grote gouden handdrukken vroeg met pensioen en vinden een baan in de particuliere sector. Willen veranderingen succes hebben, dan moeten ze stapsgewijs gebeuren”.

Over de nieuwe elite schrijft hij: “Onze nieuwe regerende klas­se schijnt die instelling te hebben dat zij wil vermijden besl­uiten te nemen. Mensen die tientallen jaren in ballingschap in een collectivistische omgeving hebben gestudeerd, hebben nauwe­l­ijks enige ervaring van leiding geven in een ge­compli­ceerde econo­mie.”

Dr. Edward Cain schrijft dat we dagelijks kunnen lezen over gebrekkige prestaties, verspilling, corruptie, zelfverrijking en nepotisme.
De commissie Semenya die een onderzoek moest instellen naar de overheidsuitgaven in de Noordkaap meldt het volgende:
Een veiligheidsambtenaar heeft een lift laten aanbrengen vanaf zijn parkeerplaats naar zijn kanto­or op de derde verdieping. Zijn kantoor is voorzien van een toilet met badkamer. Een spe­ciaal vloerkleed moet het verschil tussen hem en zijn onder­ge­schikten laten zien. Alle ruiten hebben spie­gelglas. Het gebouw waarin hij werkt heeft is R. 8 miljoen waard. Het is ech­ter voor R. 18 miljoen gekocht van de aanne­mer, Dimitri Kour­toum­bellids.

Ook rapporteerde de commissie dat de provinciale Minister van Financiën Edgar Mushwana ongeveer R. 97 miljoen die voor sala­rissen bestemd waren op een andere post geplaatst had om een nieuw parlementsgebouw te kunnen bouwen.
Daarnaast stelde zij vast dat de provincie totaal geen overzicht over de uitgaven meer had.