De geheime dienst in België krijgt meer bevoegdheden dan de politie, met minder controle. Dit meldde vorige week het Belgische dagblad De Tijd.

Net als de Amerikaanse inlichtingendiensten mag ook de Belgische staatsveiligheid binnenkort bankgegevens inkijken. De Belgische regering geeft in een nieuw voorontwerp de geheime diensten meer onderzoeksbevoegdheden. ‘Ze krijgen zelfs meer bevoegdheden dan de politie en met minder controle’, besluit de privacycommissie in een nieuw advies.

De staatsveiligheid en de militaire inlichtingendienst (ADIV) krijgen heel wat nieuwe onderzoeksmogelijkheden. De regering voorziet in drie gradaties, naargelang de schending van de privacy.
De ‘gewone’ methoden behelzen het verzamelen van informatie in de privesector, de registers van de overheidsdiensten en menselijke bronnen. De ‘specifieke’ methoden gaan verder: het traceren van post, het ontmaskeren van internetgebruikers, het bespioneren en doorzoeken van koffers en gebouwen.  De ‘uitzondelijke’ methoden zijn het doorzoeken van privewoningen, het gebruik van valse bedrijven (brievenbusfirma’s etc.), het openmaken van post, het binnendringen in computernetwerken, het afluisteren van communicatie-netwerken en het verzamelen van gegevens over bankrekeningen en banktransacties.

In een nieuw advies stelt de privacycommissie ‘zich vragen bij de draagwijdte van de nieuwe bevoegdheden’. ‘Vooral omdat ze uitgebreider zijn dan voor de politie en niet dezelfde stringente controle zal gelden. Bijvoorbeeld voor de ‘specifieke’ methodes is slechts een eenvoudige toestemming van een diensthoofd nodig,’ luidt het.

De regering voorziet in twee nieuwe controleorganen. Er komt een ‘commisssie’ met drie magistraten, van wie een terrorismeonderzoeksrechter als voorzitter.
De drie krijgen elke maand een verslag van de gebruikte methoden en mogen alles doen om te controleren of de wet is nageleefd. Er komt ook een ‘College’ met iemand van de Raad van State, het Comité en de privacycommissie. Zij moeten controles uitvoeren en mogen illegaal verkregen gegevens vernietigen.
De privacycommissie oordeelt dat ‘die controlemechanismen, hoe lovenswaardig ook, allerminst gelijk zijn aan die voor de Belgische politie.
De commissie heeft ook ‘grote twijfels’ over de transparantie van de nieuwe wet.
Maar ondanks de kritiek brengt de privacycommissie toch een ‘gunstig advies’  uit. Ze zet dus het licht op groen, op voorwaarde dat nog enkele verfijningen gebeuren die het risico  op misbruik verminderen. De commissie beseft dat ‘de huidige context van opeenvolgende terreuraanslagen de vraag naar meer middelen voor de inlichtingendiensten doet groeien’. In de marge merkt de privacycommissie nog op dat de taken van politie en inlichtingendiensten steeds dichter naar elkaar toeschuiven en dat een rolverwarring dreigt.