“Onze afhankelijkheid van technologische systemen is groter dan ooit in de geschiedenis. Privacy en de plaats van het individu in de samenleving komen door de informatietech­nologie steeds meer onder druk te staan.
Groot-Brittannië houdt binnen enkele jaren op te bestaan als vrije samenle­ving. Als wij onze verloren rechten terug willen krijgen, moeten we geloven dat wij op zijn minst net zo machtig zijn als de technologie die we zelf hebben gecreeërd”, aldus Simon Davies in zijn boek Big Brother.

Davies, verbonden aan de universiteit van Essex en Greenwich, is een expert inzake privacy vraagstukken. In 1990 richtte hij ‘Privacy International’ op, een internationale ‘waakhond’ organisatie. Davies is wereldwijd actief om mensen te wijzen op de gevaren van de informatietechnologie.
“Het is geen overdrijving te stellen dat er een samenzwering van de stilte plaatsvindt wat betreft de gevaren van de informatie­technologie. Een maatschap­pelijke discussie, nodig in een vrije samenleving heeft simpelweg nooit plaatsgevonden”. Volgens Davies komt de technologie alleen de machtige elites in de wereld ten goede.

Volgens Davies heeft de IT drie duidelijke doelen: 1) maximale efficiëntie in elk informatiesysteem te creeëren, 2) een perfecte aansluiting van en communica­tie tussen computersystemen, 3) een perfecte menselijke identiteit te construeren. Om deze doelen te bereiken moet de computerindustrie een ongemerkte maar diepgaande verandering van de menselijke geest en van onze manier van leven tot stand brengen. Deze ontwikkeling is nu aan de gang en  wordt heimelijk steeds meer geaccepteerd. Naarmate we één worden met de technologie, vervaagt onze menselijke identiteit.
“Er is geen Big Brother die inschikkelijkheid aan deze nieuwe orde afdwingt, het zijn de mensen zelf die graag hun meest intieme gegevens afstaan. En als zij dit gedaan hebben, is die informatie niet meer van hen, maar van de organisatie die over de informatie beschikt”.
Zo verbaasd het Davies, dat mensen de toenemende videobewa­king op openbare gelegenheden in Engeland als de natuurlijke oplossing voor criminaliteit zien, terwijl zij toch met elke stap worden gecontroleerd.

Allerlei ontwikkelingen binnen de overheid, gezondheidszorg, het onderwijs, politiedien­sten, banken, belastingdiensten, de fraudebestrijding en het elctronisch betalingsverkeer worden door Davies besproken. Ook de biometrie (bv. handpalm-, stem- en irisherken­ning) in relatie tot toegangscontrole staat aan de vooravond van grootse ontwikke­lingen. Politieke en ethische belemmeringen worden snel opgeruimd en weggediscussieerd.

In veel landen is er al sprake van één nationaal identiteitsnum­mer voor de burger. In Nederland wordt het SoFi nummer door steeds meer instanties gebruikt en vormt de schakel tussen diverse gekoppelde computersystemen.
Als parafrase op “ein Volk, ein Reich, ein Führer”, stelt Davies dat er steeds meer sprake is van “één netwerk, één nummer, één identiteit”.
De invoering van een verplichte nationale identiteitskaart met daarop een uniek persoonsgebonden nummer dat ergens in een computersysteem ligt opgeslagen is voor Davies de grootste nachtmerrie. Maar in Thailand is het al jaren realiteit: elke inwoner heeft een plastic identiteitskaart waarop niet alleen zijn persoonlijke gegevens, pasfoto, en vingerafdruk staan, maar ook zijn nationali­teit en godsdienst, informatie over schulden, justitiële gegevens en informatie over zijn ouders en voorouders.

De regels voor de bescherming van de privacy worden steeds meer opgerekt. De toenemende koppeling van computerbestanden pleegt een aanslag op de juridische bescherming van het individu. Nieuwe wetten zijn er niet om ontwikkelingen in te dammen, maar om nieuwe situaties te legitimeren. “Een autoritair controle­systeem zal uiteindelijk zelf de legitimering worden van nog rigider controles”, aldus Davies.

Zo profiteren vele organisaties van de digitale snelweg, niet het minst de geheime diensten van tal van landen en met name die van Amerika en Groot-Brittannië, die ook via tal van samenwer­kings­verdragen met elkaar informatie uitwisselen. Die samenwer­king gaat zo ver dat er geheime verdragen tussen de VS en Engeland bestaan, waarin de Britten toestemming aan de Amerikaan­se National Security Agency hebben gegeven om Britse burgers in Groot-Brittannië te bespioneren.
Er is zelfs een werelwijde organisatie actief die wordt geleid door de president van Mitsubishi en de vice-voorzitter van Siemens. Deze Global Information Infrastructure Commission (GIIC) is bedoeld om alle overheidspo­gingen om spelregels op de digitale snelweg vast te leggen, tegen te gaan. Deze machtige lobbygroep wordt volledig door de Wereldbank gefinan­cieerd.

Ook met betrekking tot de transponder, een onderhuidse microchip, zijn bizarre ontwikkelingen aan de gang. In tal van landen wordt reeds geëxperimenteerd met transponders bij honden, katten, schapen, varkens, zalmen, bevers en konijnen. Dus waarom niet bij mensen?
Het Amerikaanse Hughes Identification Devices, een onderdeel van Hughes Aircraft Co., is bezig met een project waarbij mensen een transponder, ter grootte van een rijstkorrel onder de schouder krijgen geimplanteerd. Deze chip omvat medische gegevens van de drager. Een huisarts kan met een speciaal apparaat, dat ook in supermarkten wordt gebruikt voor het scannen van barcodes, eenvoudig te weten komen wie hij voor zich heeft.
LipoMatrix Inc. heeft het lumineuze idee om deze implantaten in de borsten in te spuiten, “hetgeen bij vrouwen in Duitsland, Italië en Engeland al gebeurd”.
Volgens Mark Ferguson, professor in de celbiologie van de universiteit van Manchester, kan het binnen 20 jaar realiteit zijn, dat elk individu een onderhuidse chip met zich meedraagt, met het volledige DNA en de gezondheids­toe­stand van de betrokke­ne. Ook wordt er geëxperimenteerd met een smart card die zelf een signaal afgeeft, dat door een computersysteem kan worden opgevangen.

“Als onze meesters besluiten dat biologische identificatie veplicht zal zijn om hun wondermooie technologie te kunnen laten functioneren, zal het controle-netwerk compleet zijn. Mens en machine zullen dan één zijn”.

Simon Davies: Big Brother – Britain’s web of surveillance and the new technological order, 294 blz., Pan Books Ltd, London, 1996