Kranten met sensationele berichten en schokkende reportages van nieuwsdiensten en van televisiestations geven de indruk, dat er vrijwel alleen erge dingen gebeuren in het Midden-Oosten.
Dat is natuurlijk niet zo, maar ruimte en tijd verhinderen vaak, dat andere landen aan de beurt komen
Daarom vestigt “The Schwarz Report” (uitgave van de “Christian Anti-Communism Crusade”) de aandacht op wat er in de Zuid-Amerikaanse staat Bolivia aan de hand is.

De journalist Michael Radu heeft daar zijn ogen goed de kost gegeven. Bolivia staat op het punt grondwettelijk en maatschappelijk in elkaar te zakken. Er dreigt een algemene verwarring en men schijnt in de richting van een militaire staatsgreep te gaan. Buitenstaanders kunnen schouderophalend zeggen, dat Bolivia in het geheel van Latijns Amerika toch niet zoveel gewicht in de schaal legt, economisch en politiek.
Zij negeren het feit, dat dit land een afspiegeling is van wat er in het geheel aan de hand is, en daarom een waarschuwing inhoudt.

Er is daar overal een radicalisering aan de gang. Er wordt ondemocratisch gemanipuleerd, onder de druk van verschillende rassen, die opnieuw hun heil zoeken in Marxistische theorieën, waartegen diverse regeringen niet voldoende, verweer hebben.
Er bestaat een ziekelijke afkeer van wat uit de U.S.A. afkomstig is.

Voor haar industrie is Bolivia afhankelijk van wat haar export opbrengt, en die bestaat hoofdzakelijk uit tin, aardgas en olie. Bolivia heeft daar een overvloed van. Maar het probleem is dat het land ingesloten ligt door buurlanden waar pijpleidingen doorheen moeten om havens te kunnen bereiken. Maar Peru en Chili werken niet mee en wijzen het ene plan na het andere van de hand.
Bolivia bezit theoretisch een marine, maar hun schepen varen maar wat op en neer op het Tititaca meer en worden uitgelachen door collega’s in Chili. Bovendien zijn de legerleiders van Bolivia geen voorstanders van het aanleggen van een pijplijn door Chili heen, zelfs al zouden de buren van mening veranderen.

De verbouwers van coca (een illegaal landbouwproduct, waar de handelaren in drugs achter staan) eisen dat de regering hun vrij spel zal laten, maar zij hebben geen succes. Dit tot grote woede van het parlementslid Evo Morales Ayma, leider van de socialistische partij. “De regering belet ons, onze waardigheid te verdedigen”, zegt hij smalend. Met als gevolg protestmarsen, rellen, vechtpartijen, afsluiting van wegen en dientengevolge voedselschaarste.

Communisten, Trotskisten en Castroïsten moedigen de onrust aan. Volgens hen behoren de drugs van coca bij de traditionele “voedselvoorziening” van Bolivia!
Dit vormt een hoeksteen voor ultra-linkse propaganda. Coca wordt in Bolivia pas verbouwd sinds 1980 geleid door enige Europese zakenlieden.
Zij hebben zelfs een vakbond opgericht, waar vroegere mijnwerkers uit de tin-industrie in zijn opgenomen. Zij wensen nationalisatie van alle ondernemingen in Bolivia. Zij moedigen hun kameraden in de omringende landen aan, hun voorbeeld te volgen.

Sinds de dag (in 1825) dat Bolivia een onafhankelijk land werd, met een nationalistische militaire traditie, heeft het gemiddeld elke tien maanden een staatsgreep gekend.
De ene corrupte regering volgde op de andere. Zelden werd een probleem opgelost. De huidige gekozen president heet Lucio Gutierrez, een gewezen kolonel, fel tegengewerkt door socialisten die immigranten zijn uit India. Zijn “progressieve agenda” dreigt weldra de mist in te gaan. Dan staat de armoe voor de deur.