Dr. Fred Schwarz (‘Christian Anti-Communism Crusade’, Long Beach, USA) heeft niet voor niets gewaar­schuwd, dat de Commu­nisten doorwerken vermomd als hel­pers van al degenen, die een grief hebben tegen hun overheid. Onverschillig in welk land dat is. De formule is: “Zie, dat je erachter komt, wat de mensen willen, beloof het voor hen te zullen doen, win zo hun steun voor Communistische idealen en macht”.


Ze mengen zich onder het publiek, ze moedigen aan tot rellen, vechtpartijen, vernielin­gen, en wanneer de politie komt ver­dwijnen ze uit het gezicht. Anderen moeten zich voor de provo­caties verantwoorden.
Dat is precies wat er in Australië ook is gebeurd en de voor­pagina’s van de kranten heeft gehaald.

Damien Murphy in Canberra heeft de mars gezien. Zo’n 25.000 mensen marcheerden naar het parlementsgebouw om te protesteren tegen een nieuwe wet van de conservatieve regering, die de dwingelandij van de vakbonden aan banden legt. De organisato­ren bedoelden een vreedzame demonstratie.
Het liep helemaal uit de hand, want de ‘agents provocateurs’ namen hun kans waar; er werden heel wat wapens in beslag genomen en er werden vele ‘bekende’ gezichten gezien, die naar achteren verdwenen.

David Glanz, leider van de ‘Internationale Socialistische Organisatie’, geeft toe dat de ‘linkse radikalen’ hun kans schoon zien, hun verloren aanhang terug te winnen.
Mick Counihan (hoogleraar aan het ‘Royal Melbourne Institute of Technology’) zegt, dat veel mensen niet eens wisten, waarom ze demonstreerden.
De rest van het land heeft verbaasd op de televisie de gevech­ten bekeken.

De portiers van het parlementsgebouw wisten niet wat hen overkwam, toen ze zich los moesten maken van een kluwen heet­hoofden.
Twee vrouwelijke agenten raakten gewond en werden gered door mannelijke collega’s. Aan de hand van de soort scheldwoorden, die werden gebruikt door demonstranten, wordt vermoed dat hier een groep Maoïsten uit Melbourne bij was betrokken.
In de jaren, dat Australië socialistische regeringen had, hielden die lieden zich koest: tegen conservatieve (liberale) leidslieden is dat heel anders.
In 1970 werd er gedemonstreerd tegen de oorlog in Vietnam, om de Communisten te helpen. In 1984 ging men tegen de conserva­tieve premier van Queensland de straat op, want die stond hen in de weg. Maar dat was zonder grof geweld.
Nu zegt de vakbondsleider John Sutton, dat zo lang de huidige regering in Canberra er is, hij zal zorgen dat er in heel Australië oproer is. De massa in beweging brengen is koren op zijn molen.

Er werden blikjes bier uitgedeeld, voorzien van wikkels met opruiende teksten en een plaatje van premier Howard, die met een bijl de schedel werd ingeslagen. “Laat zien dat u ‘t eens bent met ons, en mik zorgvuldig met het lege blikje” stond erbij.

Er werd gegooid met hamers, beitels, verf, ‘urine-bommen’, injectie-spuiten gevuld met azijn, stenen en lege flessen. De commissaris van politie Bill Stoll zag zelfs mannen met voor­hamers (zoals bij de spoorwegen worden gebruikt). Hij verdenkt leden van de ‘Resistance’, een radicaal-socialistische jeugd-organisatie. Oproerkraaiers met megafoons stamp je niet zomaar uit de grond. Sommigen waren kennelijk gespecialiseerd in het intrappen van deuren. Zulke personen kunnen gehuurd worden.
Honderd politie-mensen werden in Canberra gewond.