In het Australische weekblad “The Bulletin” heeft de Amerikaanse historicus Daniel Pipes gesproken over het grootste probleem, waarmee het Westen nu te maken heeft in de wereld. Hij is een absolutist, hij gaat recht door zee met verkillende duidelijkheid, aldus een commentaar van journaliste Maxine McKew. Hij stelt:

“Sinds de aanvallen van 11 september in New York en Washington, moeten de Verenigde Staten nog correct de vijand identificeren. Daarbij moet men de juiste woorden gebruiken, dus niet terrorisme, maar strijdend islamitisch terrorisme. Amerika heeft dit probleem al twintig jaar over het hoofd gezien. De tekenen waren er immers al in 1979, toen de Ayatollah Khomeini over het doden van Amerika sprak. Nu worden de meeste leidende Moslimgroepen voortgestuwd door radicalen, die stiekem dromen van het veranderen van heel de USA in een islamitisch land. Ergo, de Amerikanen moeten verslagen worden.

We moeten de elfde september zien als een gedenkwaardige gebeurtenis, die de hele wereld wakker schudde. Maar in welke mate? Zijn we werkelijk wakker geworden, of nog half in slaap? Ik denk, dat we zitten te doezelen, want we hebben nog steeds niet voldoende gereageerd. Ik vrees, dat er nog meer rampen binnen onze grenzen voor nodig zijn om werkelijk te ontwaken. En hoe zal de wereld er uitzien wanneer we onze ogen open sperren? Nou, kijk eens naar de beveiliging van onze luchtlijnen, als voorbeeld.

We zijn veelmeer bezorgd, dat we de gevoelens van de passagiers zullen kwetsen, dan dat we ons druk maken over de veiligheid. Er zal nog heel wat moeten stuk gaan, voor dat die gewoonte verandert.
Ik adviseer over te gaan tot geregelde ondervragingen van de passagiers bij de uitgangen van de luchthavens, zoals men dat in Israël doet. Vraag de mensen: “Wie bent u, waar bent u geweest, met wie heeft u gesproken?” Net alsof u bent aangekomen in Tel Aviv. En naar mijn ervaring is dat een veilige plaats.

De organisatie van Al Qaeda is opgebroken, maar dat blijft niet zo. Het succes van die verstoring zal op een gegeven moment eindigen. Er zijn mensen, genootschappen en landen die de vijanden van de USA financieel blijven steunen, tegelijk met het aanmoedigen van het verspreiden van het islamitische fundamentalisme. Zij houden de hele organisatie in leven en laten zich blijkbaar geen schrik aanjagen.

Bij het beschouwen van elk land is de vraag: vriend of vijand? Het kan me niet schelen wat u van me denkt. Zoals ik heb gezegd in het Joodse maandblad “Lifestyles”, ik heb de simpele politiek van de chauffeur van een vrachtwagen, niet de ingewikkelde gedachtegang van een academicus.
Mijn gezichtspunten zijn niet te vergelijken met de instellingen van hoger onderwijs. Ik heb levenslang de geschiedenis van de Islam bestudeerd en geanalyseerd. Ik spreek en lees Arabisch. Ik zie de uitdaging aan het adres van de Verenigde Staten zo: “De militante Islam moet op dezelfde manier worden verslagen als fascisme en communisme. Dit vereist de inspanning van militaire en niet-militaire krachten. Het betekent aandacht besteden aan de media en scholen, en luisteren naar wat bepaalde regeringen zeggen.

De Moslims schikken zich naar onze wensen, houden op met hun vijandige nieuwsuitzendingen, die anti-Amerikaans zijn, of anders doen wij het voor hen. Hier is wilskracht voor nodig. Wij kunnen het ophitsen van geweld tegen ons niet langer toestaan en moeten in actie komen. Laat ons in Washington het eten klaar maken, dan kunnen de Europeanen voor de bordjes zorgen. Het probleem Irak moet snel worden opgelost. Niet wachten tot Saddam Hoessein atoomwapens heeft. Ook al moeten we daarvoor zijn gebruik van chemische en biologische wapens riskeren. We hebben nu geen tijd meer te verliezen. De Islam moet haar Middeleeuwse opvattingen van de hand doen”.