Het hoofd van een instelling in Ulster die verschijnselen van godsverering beoordeelt heeft de zegen van Toronto veroor­deeld als “klaar bedrog”.

In een aparte brochure beschreef Ds.Cecil Andrews van het Bre­da-centrum het geschil over Toronto als een absurde kracht­me­ting, maar verwijzend naar talrijke rapporten over onbeheerst lachen op bijeenkomsten in de stijl van Toronto, waarschuwde hij dat het verschijnsel niet iets is waarom men lachen kan. Toen hem gevraagd werd hoe hij kritiek kon leveren op iets dat hij niet ervaren had, zei Andrews: “Ik hoef geen arsenicum in te nemen om te weten dat het mij zal doden”.

Onenigheid over de ‘zegen’ heeft verdeeldheid veroorzaakt in tientallen Noord-Ierse kerken en was de belangrijkste factor in de ruzie die leidde tot het aftreden van de Presbyteriaanse predikant Ds. John Honeyford uit de gemeente van Magheragall.
En nu is er een scheuring gekomen binnen de organisatie waarin het verschijnsel begon nadat de Vineyard-gemeente bij het vlie­gveld van Toronto haar afsplitsing  van het Verband van Viney­ard-gemeenten bekendmaakte.

Andrews zei dat de toestand van de Christelijke wereld mede verklaart “hoe iets zo duidelijk bedrieglijks als de zogenaamde zegen van Toronto gemeenten kan binnendringen en veel mensen van de waarheid afvoeren”.
De brochure verwees naar wat uitingen van de geest genoemd zijn, als gelach, mensen die omvallen als men hun voorhoofd aanraakte en dierengeluiden.

“Kan iemand serieus geloven dat God Zelf bewerkt dat de pre­di­king van Zijn dierbaar Woord ernstig verstoord wordt op zulk een wanordelijke wijze?” voeg Andrews.
“De verschijnselen waarbij mensen neervallen als men hun voor­hoofd aanraakt komt al jaren in charismatische kringen voor…. Men heeft al zo vaak en zo lang gezegd dat dit een werk van de Heilige Geest is, dat weinigen vraagtekens zetten”.
“Dierengeluiden zijn geen bewijs van de aanwezigheid van God de Heilige Geest”.

Andrews zei dat zij die denken dat men de gave Gods kan krijgen voor de prijs van een vliegkaartje naar Toronto worden bedro­gen.