In april 2004 werd in Zuid-Afrika gevierd dat de democratie 10 jaar bestaat. Na de derde democratische verkiezingen werd op 27 april Thabo Mbeki als staatspresident ingezworen voor zijn tweede 5-jarige termijn.  98 landen waren erbij vertegenwoordigd.  38 staatshoofden waren aanwezig, onder wie President Robert Mugabe van Zimbabwe, die geestdriftig als held binnengehaald werd. President Mbeki is een toegewijd natiebouwer en bestrijder van de armoede; hij werkt aan een beter leven voor allen. Een aspect hiervan is de herverdeling van rijkdom en land.

Het Handvest voor de Vrijheid van het ANC eist dat “het land verdeeld wordt onder hen die het bewerken.” De regering wil vóór 2020 30 %  (25,9 miljoen hectare) van het bouwland van overwegend blanken overhevelen naar nieuwe zwarte boeren. Een wet die vorig jaar aangenomen werd machtigt de regering  om land te onteigenen om aan de zwarten terug te geven waar onderhandelingen op basis van een gewillige koper en een gewillige verkoper mislukken.

Een nieuw boek “Het Grote Zuid-Afrikaanse Landschandaal” schrijft over de mogelijkheid dat Zuid-Afrika dezelfde kant opgaat als Zimbabwe.” De schrijver, Dr. Philip du Toit, is advocaat en specialist in landhervorming en arbeidsrecht. In zijn Voorwoord zegt hij: “Verhalen over het verval van boerderijen die onder het landhervormingsprogramma van de regering aan nieuwe boeren overgedragen zijn doen al enige tijd de ronde. Maar de laatste twee jaar is de verwording van een gedeelte van de bouwgrond in Zuid-Afrika dermate toegenomen dat er schrikbarend snel land aan de productie onttrokken wordt.”

God heeft Zuid-Afrika met voedsel gezegend. Het land produceert genoeg om 100 miljoen mensen in Zuidelijk Afrika te voeden, al heeft 27 % van het land veel van droogte te lijden en slechts 12 % bebouwd kan worden.

Wat gebeurt er als welvarende boerderijen overgedragen worden aan “nieuwe boeren?”
In februari 2001 droeg de Minister van Akkerbouw en Land in een overeenkomst waarmee 43 miljoen Rand gemoeid was,  boerderijen in het Letsitele-dal een oppervlakte van 1400 hectare beslaand bij Tsaneen over aan 1500 mensen van de Mamathola-stam. Deze boerderijen hadden een omzet van 15 miljoen per jaar en de stam kreeg 4,5 miljoen Rand als werkkapitaal.
Maar na de overdracht kwam niemand om daar te leven en te boeren. In plaats daarvan kozen zij een commissie die zichzelf een maandsalaris van 12.000 Rand per lid betaalde. Zij bewerkten het land ook niet. Twee jaar later wees een onderzoek uit dat de avocadobomen verdorden. Het stuwmeer was vol, maar de buizen waardoor het water moest wegstromen waren kapot; er was kennelijk geen geld om ze te repareren.
De mangobomen stonden in bloei, maar zij kregen ook geen water. De papajavruchten hingen aan droge stammen, terwijl gras en onkruid tussen de keurig aangeplante rijen groeide.

Drie keurig gebouwde inpakloodsen waren leeg; losse kratten slingerden rond. Er was niemand te zien. De elektriciteit was afgesneden, zodat de koelcellen niet werkten. Toen wij door de eens mooie boerderij reden, kwamen we verwaarloosde macadamia-bosjes tegen. Duizenden en nog eens duizenden niet-ingeoogste noten lagen onder de bomen.
Op de markt zijn het deze noten die het meest opbrengen. Zij worden hoofdzakelijk naar de Verenigde Staten geëxporteerd, waar de consumenten ze kunnen betalen.
Verder op snakten de bomen in een citrusboomgaard naar water in de schroeiende hitte.

Overal in Zuid-Afrika verschijnen dergelijke “spookboerderijen.” Het materieel dat in uitstekende toestand overgedragen was, was praktisch onbruikbaar, maar de maandsalarissen van 12.000 rand werden nog steeds opgestreken tot de rechten van de bedrijfsvoering aan bevoegde mensen worden overgedragen.

Vóór de overdracht aan de Mamathola-stam hadden de 3000 hectare boomgaarden met hun intensieve fruitteelt tientallen miljoenen randen aan vreemde valuta  per jaar binnengebracht en werk gegeven aan 2000 tot 3000 zwarte werkers en hun gezinnen.
Een gelijk lot overkwam de boerderij Zebediela, ‘s werelds grootste citrusbedrijf in de provincie Limpopo. Zij heette vroeger “de diamant van tuinbouwprojecten”. In 1978 stond in de Geïllustreerde Gids van Zuidelijk Afrika van de Readers’Digest: “Elk jaar worden bijna 400.000.000 sinaasappelen geoogst. In het hoogseizoen gaan dagelijks ongeveer 15.000 kisten sinaasappelen van het bedrijf weg. Deze vruchten komen van meer dan 565.000 bomen, die net zoveel water krijgen als een hele stad….” (p. 122).
De oogst bedroeg 30 miljoen rand per jaar. Maar na de overdracht aan de Corporatie voor de Ontwikkeling van de Akkerbouw en het Platteland van de ANC-regering, verloor het bedrijf in 2000 30 miljoen rand en in 2001 35 miljoen. In de kranten stond dat de boerderij niet te redden is. Een meloenenoogst ter waarde van 8 miljoen rand liet men rotten omdat er geen geld was voor personeel. In maart 2001 verleende de ABSA-bank geen krediet meer en weigerde ze een pensioencheque te verzilveren. De vroegere eigenaren hadden maar al te graag de nieuwe eigenaren geholpen, maar die hulp werd afgewezen.

Sommige aanspraken op land zijn historisch twijfelachtig. In feite vraagt het Zuid-Afrikaanse Instituut voor Rassenbetrekkingen: “Hebben wij een landprobleem in Zuid-Afrika? De beoogde herverdeling van 30 % is uitgevoerd, zonder dat er werkelijk vraag naar land was en zou wel eens belangrijke gevolgen kunnen hebben voor de commerciële akkerbouw. De laatste 30 jaar is het aantal commerciële boeren uit alle rassen afgenomen van 70.000 tot minder dan 35.000.  In  het boek “Het Grote Zuid Afrikaanse Landschandaal” concludeert Dr. Du Toit: “De belofte van de regering om het land aan het volk terug te geven, zoals in het Handvast voor Vrijheid vastgelegd is, is een uitnodiging voor hongersnood.

Invasies van landbezetters, intimidatie, moord op boeren en brandstichting.
Het boek beschrijft de achteruitgang in de akkerbouw in alle provincies, maar de toestand schijnt wel heel ernstig in Gauteng en Natal. In Kranskop in Natal werden vier gezinsleden van een boer vermoord. In zijn omgeving werden elf boeren omgebracht. Sinds 1994 zijn in Zuid Afrika 1600 boeren vermoord bij meer dan 8000 aanvallen op boerderijen.
Net zoals in Zimbabwe worden vee en oogsten gestolen en hebben boeren te lijden onder intimidatie, brandstichting en binnendringers. Stamhoofden die zichzelf als zodanig hebben opgeworpen verkopen stukken grond die niet van hen zijn.
In de laatste jaren hebben 14 boeren in Kranskop allen al meer dan 10.000 hectare aan menigten landbezetters overgelaten. Omdat de politie het laat afweten betalen boeren in KwaZulu-Natal 60 miljoen rand aan veiligheidsondernemingen. Er wordt elk jaar 120 miljoen rand aan vee gestolen en de regering derft ongeveer 100 miljoen rand aan belastinggeld door belegerde en verlaten boerderijen.

Dr. Du Toit schrijft ook spijtig:  “Voor de huidige regering aan de macht kwam speelde Zuid-Afrika een leidende rol in het akkerbouwkundig onderzoek niet slechts in Afrika, maar in de wereld. Vele instituten waren wereldberoemd. Onderstepoort, bijvoorbeeld, was het meest prestigieuze instituut voor veeartsenijkunde in Zuid-Afrika en Afrika.” Maar doordat het instituut niet meer gesubsidieerd werd, zijn veeartsen van wereldfaam weggegaan, onder wie mensen die onderzoek deden op het gebied van vaccinatie, tuberculose, mond- en klauwzeer en tropische ziekten.
Vorig jaar zeiden 400 onderzoekers de Landbouwkundige Onderzoeksraad hun diensten op. Dit instituut (ARC) geeft informatie op het gebied van akkerbouw en dierenverzorging. Zij gaat ook de kwaliteit en veiligheid van voedsel kritisch na. “Momenteel speelt Zuid-Afrika een gevaarlijk spel met tuberculose,” klaagt de vakbond ‘Solidariteit’. De laatste onderzoeker op het gebied van TB te Onderstepoort heeft vorige maand zijn ontslag ingediend. Tuberculose wordt overgedragen door ongepasteuriseerde melk. Tuberculose is een van de ernstige besmettelijke ziekten in Zuid-Afrika en is vooral dodelijk voor mensen die aids hebben. Men is zelfs gestopt met korte inspecties van abattoirs. Er is niemand over die vleesmonsters onderzoekt. “De onderzoeker op het gebied van vlees is vertrokken,” schrijft Dr. Du Toit, “De mensen betalen op de duur de tol. Hoe zal men weten of nieuwe producten die op de markt komen veilig zijn?”