De ontwikkeling en productie van chemische en biologische wapens staan volop in de belangstelling. Hierbij wordt het Israel Institute for Biological Research (IIBR) in Tel Aviv vaak genoemd.
Uit de berichtgeving over het IIBR blijkt dat er op het gebied van chemische en biologische oorlogvoering sprake is van nogal wat internationale contacten.
In maart van dit jaar vond er in het Amerikaanse La Jolla een congres plaats van chemici die betrokken zijn bij de ontwikkeling van genoemde wapens.
Vanuit Israël was er een zware delegatie aanwezig onder leiding van Avigdor Shafferman, de directeur van IIBR.


Voor Nederland waren er medewerkers van het Prins Maurits Laboratorium van het TNO aanwezig. Ook waren er vertegenwoordi­gers van het onderzoekslaboratorium Fort Detrick uit de Ameri­kaanse staat Maryland aanwezig. Met name dit  laatste instituut biedt stof tot nadenken.

Fort Detrick werd in de Tweede Wereldoorlog het centrum van de Amerikaanse chemische en biologische oorlogvoering. Het ontstaan wijst echter vooral naar Japan.
Na de atoombommen op twee Japanse steden, ontdekten de Amerikanen dat de Japanners in Mantsjoerije een onderzoekslaboratorium hadden dat berucht werd onder de naam ‘Unit 731’. Unit 731 ontstond op initiatief van de Japanse geleerde Shiro Ishii. Hij droomde over methoden om de vijanden van Japan met allerlei ziektes te besmetten.
Bij de mensonterende experimenten, die grote overeenkomsten hadden met de experimenten van dr. Mengele in Auschwitz, waren tal van Amerikaanse en Britse krijgsgevangenen betrokken. Duizenden werden gebruikt als proefkonijn.

Na de capitulatie van Japan maakte generaal MacArthur namens de VS afspraken met de Japanners met betrekking tot Unit 731. Daarbij werd geregeld dat de bij de Unit 731 betrokken geleerden niet vervolgd zouden worden voor hun misdaden, op voorwaarde dat de hier opgedane kennis in Amerikaanse handen zou komen.
Later bleek dat de Amerikanen geen vreedzame bedoelingen voor ogen hadden, maar de kennis gebruikten om er zelf wapens mee te maken. Gegevens van Unit 731 kwamen uiteindelijk terecht in Fort Detrick.
Alsof er niets aan de hand was, kwam Ishii uit Japan om in Fort Detrick les te geven. Tijdens de koude oorlog was men bereid heel wat oorlogsmisdaden door de vingers te zien.

In de jaren vijftig waren er aanwijzingen dat de VS biologi­sche wapens hadden ingezet tegen Noord-Korea en China, wapens die waren geproduceerd in Fort Detrick, maar eerder waren ontwikkeld door Unit 731. Een internationale commissie die ter plekke onderzoek deed, stelde vast dat in veel plaatsen in Noord-Korea en China de pest was uitgebroken zonder dat daar een oorzaak voor te vinden was. Ook andere ziektes staken plotseling de kop op. Voor de verspreiding van deze ziektes zouden de Amerikanen gebruik gemaakt hebben van een ‘Flea Bomb’, een uitvinding van Shiro Ishii.

Na de napalmbommen en de ontbladeringsmiddelen in Vietnam kwam er in 1969 een verbod op de productie van biologische en chemische wapens. Fort Detrick kreeg toen officieel een nieuwe bestemming: het werd vanaf 1971 een onderzoekslabo­ratorium van het ‘National Cancer Institute’ (NCI), dat onderzoek uitvoerde voor het ministerie van defensie.
Dit was echter niets anders dan een dekmantel om, ondanks de internationa­le afspraken op dit gebied, ongestoord met de ontwikkeling van chemische en biologische wapens door te kunnen gaan. Dat blijkt wel uit de aanwezigen op het genoemde congres in La Jolla. Vertegenwoordigers van Fort Detrick wisselden daar hun kennis uit met andere centra in de wereld die aan de ontwikkeling van chemische en biologische wapens werken.

De bekendste werknemer van Fort Detrick is waarschijnlijk Robert Gallo, die namens het NCI onderzoek doet. In de jaren tachtig was Gallo samen met zijn Franse collega Luc Montagnier, ontdekker van het HIV virus.
De betrokkenheid van Gallo bij het onderzoek in Fort Detrick heeft tot tal van samenzweringstheorieën geleid. Daarbij is Aids telkens afgebeeld als een vorm van biologische oorlogvoering.
Feit is echter dat Aids keer op keer geassocieerd is geraakt met kringen die betrokken zijn bij biologische wapens. Dat blijkt niet alleen in het geval van Fort Detrick en Gallo, maar ook voor diens eerder genoemde Israëlische collega Avigdor Shafferman van het IIBR, die eveneens een aantal publicaties over Aids op zijn naam heeft staan.
Het is onbekend of IIBR in Ness Ziona bij Tel Aviv ook onderzoek doet op het gebied van Aids, hoewel het onderzoek naar genetica dit wel suggereert.

Nog opmerkelijker is dat de laboratoria van het National Cancer Institute werden gerund door Litton Bionetics Company, dat ook research laboratoria runde in Afrika waar proeven op apen werden uitgevoerd en waar onderzoek werd gedaan naar kankervirus­sen, het Ebola virus en het Marburg virus.
Litton zorgde in Afrika samen met de West-Duitse firma OTRAG voor verzorging op het gebied van farmaceutische materialen en biomedische apparatuur.
Chef van Litton was Roy Ash die korte tijd later opdook als adviseur van Richard Nixon, onder wiens regering Fort Detrick onderzoek uit ging voeren voor het National Cancer Institute.

De mogelijke betrokkenheid van Litton, het NCI, in samenwerking met de US Public Health Service en de New York University bij systema­tisch onderzoek naar chemische en bacteriologische oorlogvoering is nog nauwelijks gepubliceerd.