Wat voor enkele jaren voor velen nog gold als science fiction, dreigt nu werkelijkheid te worden: mensen die geïmplanteerd worden met een biochip waarop informatie staat die in het dagelijkse leven niet meer hoeft te worden  onthouden of meegenomen hoeft te worden. Het staat immers op de biochip en die kun je niet meer verliezen omdat het geïmplanteerd is onder de huid van de hand, het voorhoofd of de hals.


De volgende ontwikkeling van de vercomputerisering van de samenleving, de volgende stap na het electronisch betalen via de magneet card en smart card, is de onderhuids aangebrachte biochip die afgelezen zal worden via biometri­sche scanningap­paratuur en alternatieve barcodelezers. Over de implantering van een onderhuidse chip en de mogelijk­heden die dit systeem biedt wordt steeds openlijker gesproken.

Ronald Kane, vice-president van Cubic Corporation, een Ameri­kaans bedrijf dat ‘high tech’ controle-en volgsystemen fabri­ceert, zei over de implan­teerba­re chip bij de mens: “Als wij het voor het zeggen hadden, dan zouden wij een chip implante­ren bij iedereen, om te beginnen bij al degenen die in een kinderdag­ver­blijf zitten.”

Overal ter wereld wordt geëxperimenteerd met onderhuidse chips, nu nog bij dieren. Het dagblad De Telegraaf sprak op 14 maart 1992 van een implanteer­bare chip achter de oren van een koe. In mei vorig jaar spraken de dagbla­den van een zg. anti-diefstal chip bij paarden. Met één druk op de knop is het mogelijk te zien wie de eigenaar van het dier is, hoe hij heet en waar hij woont. Het Nederlandse bedrijf Nedap maakt de chips die begin 1994 bij runderen werden ingespoten.
Ook de bevers in de Biesbosch blijken geïmplanteerd te zijn (NRC 25-3-1995). In Artis worden stekelvar­kentjes met chips ingespoten (Nederlands Dagblad 8-3-1995). Het idee van ver­plichte registratie van honden en katten in Nederland door middel van een chip krijgt steeds meer voorstanders.
Dierenartsen lobbyen bij het ministerie. En in bepaalde gebie­den van Spanje worden huisdieren gehouden met chips. Welke technische onoverkomelijkheden bestaan er eigenlijk nog om dit ook bij mensen door te voeren?

In Singapore loopt iedereen momenteel met een ‘high tech’ identificatie­kaart rond, compleet met pasfoto, duim-en vinger­afdrukken, naam, woonadres en andere persoonlijke gegevens. Deze informatie op een chip brengen en onderhuids inbrengen is geen enkel probleem.

De Amerikaanse World Future Society spreekt openlijk over kleine computer­tjes die in het menselijk lichaam worden ge­bracht met het doel de presta­ties van de hersenen en het geheugen te verbeteren. Een topman van dit genootschap met 27.000 leden wereldwijd, zegt: “Een geïmplanteerde biochip kan bij de mens op diverse manieren worden gebruikt. Een nummer kan worden toegekend meteen na de geboorte zodat iemand zijn hele leven lang gevolgd kan worden. Dit nummer moet op de hand aangebracht worden en kan als universele vorm van identifica­tie worden gebruikt.”  Een idee dat eerder gelanceerd werd in 1993 tijdens een congres in Sydney door de Australische pro­fessor Trevor Dean.
Hij is er een voorstander van dat alle babies in Australië meteen na de geboorte op hun linkerbil van een identifica­tie merkteken worden voorzien.

Het Amerikaanse blad ‘Science News’ meldt dat er nieuwe elec­tronische apparatuur is ontwikkeld waarmee de hersenen direct kunnen worden afgeluis­terd. Het is mogelijk direct met de neuronen van de hersencel­len te communiceren. En de ‘Wall Street Journal’ meldde kort geleden dat het nu reeds mogelijk is levende hersencellen met microchips te verbin­den. Critici zeggen dat daarmee echt de grenzen zijn overschreden en dat het mogelijk is ‘een leger van killer-zombies’ te creëren.
Recentelijk zei een topambtenaar van het Witte Huis op een conferentie die gefinancierd werd door IBM: “De smart card is een prachtig idee, maar nog beter zou zijn een chip in het oor.(…) We moeten over de grenzen van de smart card heen stappen en iets van de technologie gebruiken die voorhanden is”.

En als klap op de vuurpijl meldde ‘De Automatiseringsgids’ op 10 juni 1994 dat elke wereldburger moet worden voorzien van een uniek identificatie­nummer. Deze stelling werd gelanceerd op het zevende internationale congres over dataverwer­king in de sociale zekerheid. Wordt dit nummer onderhuids ingebracht of bestaan daarvoor nu nog te veel bezwaren?