Tijdens de in de Hemelvaartsweek gehouden visserijdagen (13 en 14 mei) verraste de organisatie de Urker bevolking op een aantal attracties die regelrecht van een mini-kermis afkomstig waren.


De attracties (in totaal zeven) produceerden naast het geschreeuw van de exploitanten de gehele dag popmuziek. De kermislui probeerden vooral de Urker jeugd tot het gokken in hun kansspelkramen aan te zetten.
Het lawaai van deze mini-kermis was uitermate hinderlijk voor de evangelisatiebus die er direct naast stond. Sommige sprekers werd hierdoor het spreken onmogelijk gemaakt.

Hoe kon dít op Urk gebeuren? Wij vroegen dit aan de heer Sj.Pasterkamp (lid van de gemeenteraad voor de SGP).
“Wij hadden alleen toestemming gegeven voor een braderie, en niet voor een kermis. Wij zijn hier gewoon door verrast. Maar wij komen hier zeker nog op terug in de gemeenteraad, en als het aan mij ligt zullen er maatregelen getroffen worden, zodat dit in de toekomst niet meer kan gebeuren”.
Uit dit antwoord van de heer pasterkamp blijkt wel dat het organisatiecomité onder leiding van CDA wethoudster mevr.St.Kramer-Brouwer en Wijk twee winkelier Pieter Oost buiten hun boekje is gegaan.
En wat het ergste is: hiermee is het behoudende christelijke karakter van de Urker samenleving (onder het oog van minister Bukman, staatssecretaris Kosto, gedeputeerde Vermeer, produktschapvoorzitter Langstraat, tal van genodigden en duizenden toeristen) verder uitgehold.

Het christelijk Urker Nieuwsblad ‘Het Urkerland’ van maandag 16 mei sprak van “een succesvolle visserijweek, en van een groots opgezette braderie, voor het eerst in de geschiedenis met een kleine kermis”.
Het vergat echter in haar kolommen te vermelden dat er vele Urkers waren die deze van festiviteiten niet konden genieten, maar zich die dag schaamden om een Urker te zijn.

Wij moeten helaas constateren dat Urk, Urk niet meer is, maar hard op weg is om het roomse Volendam te evenaren.