Premier Netanyahoe van Israël wordt kritisch bekeken door andere landen, maar ook thuis. Het verschil is, dat ‘de we­reld’ liefst ziet, dat hij over zich heen laat lopen, maar zijn landgenoten willen dat hij meer zijn tanden laat zien tegenover Jasser Arafat en de Palestijnse Authori­teit.
Zoals in een hoofdartikel in ‘The Jerusalem Post’ (internatio­nal edition) staat: “Maak er ernst mee”.

In mei 1994 beloofde Arafat officieel alle ‘illegale wa­pens’ van zijn Arabische kameraden in Israël te zullen afpak­ken (in beslag nemen) en de groepen terroristen te zullen ontbinden. In augustus van detzelfde jaar kwam de Palestijnse minister van voorlichting Yassir Abed-Rabbo in het nieuws met de ver­klaring: “We hebben een tijdschema voor het ontwapenen van burgers met illegale wapens in de onafhankelijke gebieden. Alleen onze politie zal gewapend blijven”.

Het enige, dat er gebeurde, was dat er enkele persfotogra­fen bij elkaar gebracht werden en toen werden er wapens ‘ont­dekt’ en meegenomen. Dat was alles. Er werd niets onbonden of opge­heven.
Een van de terroristen-groepen (het ‘volksfront voor de be­vrijding van Palestina’) gaf openlijk toe, vorige maand Etta en Efraim Tzoer op een straat in Bethel (Beit El) vanuit een voorbijrijdende auto te hebben dood geschoten.
De leden zijn communisten uit Damascus. Arafat heeft aan dit ‘incident’ weinig aandacht besteed.

In september 1996 keurde Arafat het optreden van terroris­ten in Jeruzalem goed, nadat er een deurtje van de tunnel bij de westelijke muur was geopend. Het was een zorgvuldig georga­niseerde rel.
Dus de groepen zijn gebleven: (1) Islamitische Jihad, (2) ‘Volks­front’, (3) ‘Hamas’ militaire afdeling, en (4) ‘El-Fatah’ losse afdelingen.

De leden daarvan menen, dat ze door hun aanvallen (nog meer) concessies kunnen afdwingen van de regering van Israël. Ze willen premier Netanyahoe in een benarde positie drijven. Ze schreeuwen moord en brand, wanneer de premier iets doet voor zijn eigen volk, zoals het laten bouwen van een nieuwe Joodse stadswijk in Jeruzalem (de ‘Ras al-Amoed’-wijk).
De premier is niet meer zo moedig als in het begin. Hij kijkt telkens over zijn schouder in de richting van presi­dent Clin­ton, die in Washington aan de touwtjes blijft trek­ken.

Het wordt niet vaak genoeg gezegd, dat al het gedreig van de Palestijnen met meer terreur, helemaal in strijd is met de inhoud van ‘de afspraken van Oslo.
Hoe denken zij enig vertrouwen te wekken bij de Joden?
De Palestijnse leider Mahmoed Abbas (Aboe Mazen) heeft toege­geven, dat hij daar nog geen ernst mee heeft gemaakt.

Aan de andere kant komt premier Binyamin Netanyahoe de verkie­zingsbelofte niet na, dat hij de Palestijnen zal verhin­deren door te gaan met ter­reur “die het Vredes-proces onder­mijnt”.
Minister Dan Meridor vraagt zich dan ook af, of de regering nog wel door kan gaan, met dat ‘Vredes-proces’ te onderschrij­ven, dat het van de socialisten heeft geërfd.
Tevergeefs vraagt de regering van Israël de Palestijnse Autho­riteit na elke aanslag om uitlevering van de misdadigers, om in Israël voor de rechter te verschijnen. Van de 27 verzoeken, heeft de Palestijnse Authoriteit er 2 afgewezen, en de rest genegeerd… Tien van hen zijn inmiddels opgenomen als leden van de Palestijnse politie!…