Volgens de Barneveldse Stichting voor Ontwikkeling in Vrijheid vormt de bouw van grote stuwdammen in de Derde Wereld meer nadelen dan voordelen voor de plaatselijke bevolking.
Het kwartaalblad ‘Ontwikkeling in Vrijheid’ van de genoemde stichting bekritiseert met name de bouw van de Narmada dam in India en de Drie Kloven dam in Centraal China. Projecten die in de eerste plaats bedoeld zijn voor irrigatie.

Het blad zet de zeven belangrijkste nadelen op een rijtje:

1) Veel mensen die wonen in het gebied dat onder water komt te staan moeten gedwongen verhuizen. Vaak komen deze mensen dan in gebieden terecht met een slechtere grond en veel minder mogelijkheden voor landbouw en veeteelt. De economische gevolgen laten zich raden. Veel boeren kunnen niet meer verbouwen wat ze willen en hebben daardoor nauwelijks meer inkomsten. Gevolg is dat er rellen uitbreken, zoals dat bij de bouw van de Drie Klovendam is gebeurd.

2) De jaarlijkse overstromingen in het stroomgebied van de rivier voorbij de stuwdam stoppen en daardoor komt de afzetting van het vruchtbare slib in gevaar. Jaarlijks moet er veel kunstmest aangevoerd worden op de velden om dezelfde opbrengst als vroeger te krijgen. Een extra kostenpost voor de boeren en het gevaar van verzilting van de bodem wordt groter.
Door de gedwongen verhuizing neemt de armoede onder de boeren toe en heeft men gebrek aan kleding en voedsel, waardoor ziektes weer de kop opsteken. In totaal hebben sinds de jaren vijftig wereldwijd ongeveer 10 miljoen mensen moeten verhuizen om plaats te maken voor stuwdamprojecten.

3) Het systeem van natuurlijke getijdenwerking dat de boer aan water helpt, verdwijnt. De nieuwe irrigatiesystemen zijn veel later klaar dan de dam zelf, zodat de boeren in de tussentijd onvoldoende water ter beschikking hebben.

4) De traditionele, op zelfvoorziening gerichte landbouw heeft door deze ontwikkelingen moeten wijken voor monoculturen van gewassen voor de export die veel water eisen. De prijzen van deze producten zijn niet gestegen, maar juist gedaald.

5) Een grote dam met een stuwmeer verandert de waterbalans en daarmee de flora en fauna. Het stilstaande water verdampt en het nu vochtiger klimaat trekt ziekteverspreidende insekten aan, waardoor de oogst en de volksgezondheid grotere risico’s gaan lopen. De bouw van de Drie Klovendam heeft als gevolg dat er ontbossingen plaatsvinden en dat trekroutes van vogels verstoord worden. Ook vreest men een opeenhoping van industrieel afval voor de dam.

6) Het gewicht van de enorme watermassa’s verstoort het spanningsevenwicht in de aardkost ter plaatse. In India zijn al aardschokken opgetreden in gebieden met veel dammen waar die vroeger niet voorkwamen en waarvoor geologisch gezien geen verklaring gegeven kan worden.
In de Indiase deelstaat Maharasjtra bevinden zich de helft van de ruim 2200 stuwdammen in India. Tussen 1968 en 1988 werden er acht aardbevingen geregistreerd, hoewel het gebied bekend stond als vrij rustig als het gaat om aardtrillingen.
Wereldwijd tonen onderzoekingen aan dat damconstructies met hun grote waterreservoirs, die zware druk uitoefenen op de bodem, aardbevingen kunnen veroorzaken.
De voormalige directeur van het Indiase centrum voor aardstudies stelt dat de duizenden dammen die de afgelopen jaren in India zijn gebouwd, de kans op aardbevingen hebben vergroot. In China zijn als gevolg van damdoorbraken al 13.000 mensen omgekomen.

7) De negatieve effecten op de wateraanvoer stroomafwaarts van de dam zijn soms een aanleiding tot oorlog, vooral in het Midden-Oosten. De positieve effecten van een stuwdam voor het ene land houden tegelijk negatieve effecten in voor het andere land. Financiers hebben geen geld over voor dammen die in oorlogstijd door de luchtmacht van een buurland gebombardeerd kunnen worden.

De Wereldbank speelt een belangrijke rol bij het financieren van grote ontwikkelingsprojecten als stuwdammen in Derde Wereldlanden. De Wereldbank is hierdoor mede schuldig aan de fatale gevolgen van deze megalomane stuwdamprojecten die honderdduizenden van haard en huis verdrijven.