Er is en wordt over de huidige president van de Verenigde Staten veel geschreven, maar hoofdzakelijk in de Amerikaanse pers en niet veel daar buiten. Omdat met hem, naar het schijnt, heel de Verenigde Staten staat of valt, wordt Bill Clinton vaak ontzien of met fluwelen handschoentjes aangepakt.

Dr. Peter Trumper, hoofdredacteur van het in Wales verschijnende blad ‘1521’ (uitgave van ‘The Vocal Protestants International Fellowship’), neemt echter geen blad voor de mond. Hij herinnert er aan, dat Bill Clinton destijds zwoer, niet te zullen meedoen aan de wedstrijd om het presidentschap van de Verenigde Staten te verkrijgen. Hij kwam hierop terug en stormde het Witte Huis binnen met zijn ambitieuze vrouw Hillary. Hij groeide destijds op in een gezin van zuidelijke baptisten, in het stadje Hope. Zijn ouders stuurden, hem naar een Rooms-Katholieke school , waar hij twee jaar bleef. Daarna ging hij over naar de universiteit van Georgetown (vier jaar)1, die wordt geleid door paters Jezuïten!

De eenvoudige, onervaren Bill Clinton kon gemakkelijk gevormd en gekneed worden. Dr.Trumper vraagt zich af, of de paters hem van toen af aan al hebben benvloed om in het Witte Huis in Washington terecht te komen. Dat is niet onwaarschijnlijk, omdat ‘de Sociëteit van Jezus’ sinds haar oprichting door Ignatius de Loyola (1534) zich steeds met de internationale politiek en de wereldhandel heeft bemoeid. Zij wil de alleenheerschappij van de Rooms-Katholieke kerk herstellen en daarbij alle ‘ketters’ bestrijden. Zij staat op het standpunt, dat het doel de middelen heiligt. Hitler noemde destijds zijn massa-moordenaar Himmler (hoofd van de S.S.) “onze Ignatius de Loyola”.

Het Vaticaan was in de wolken, toen het na drie eeuwen gelukte, een officieel bezoek aan de Engelse koningin te brengen (1982).
President Clinton heeft meermalen verteld, dat hij als jongen buiten het Witte Huis werd voorgesteld aan de Rooms-Katholieke president John F.Kennedy en dat hij sterk is beïnvloed door zijn voorbeeld. Niet bepaald iets om trots op te zijn, gezien o.a. Kennedy’s privé-leven.

President Clinton verklaarde in het openbaar: “Ik houdt van de Jezuïten”! Dat zullen niet veel mensen hem nazeggen, want die organisatie heeft maar heel weinig vrienden; ook niet onder haar geloofsgenoten. Aldus Peter Trumper. Hun misdaden tegen de mensheid zijn in de loop der eeuwen wel bekend geworden. Het kan hen niets schelen, of iemand sympathie voor hen heeft, of niet, zolang die persoon maar doet wat past in hun plannen…

Als president Clinton hen teleurstelt, zal hij niet op een volgende ambtstermijn hoeven te rekenen. Dat zal het omvangrijke ambtenaren-apparaat dan niet lekker zitten, voor zover ze van zijn partij zijn. Washington zit stampvol commissies en sub-commissies, met adviseurs in alle soorten en maten. Deze worden allemaal bijgestaan door hulpkrachten, op kosten van de belastingbetalers, die zich mateloos ergeren; hen wordt niets gevraagd.

Gelukt er iets in de politiek, heeft er een maatregel succes, dan zegt de president meteen, dat hij dat toch maar fijn voor elkaar heeft gekregen. Ook als hij er niets aan heeft gedaan. De honderden dingen, die mislukken, worden vlug in de vuilnisbak gegooid; daar wordt zorgvuldig over gezwegen.