“We moeten oppassen om geen haat levendig te houden en in dit opzicht verschil ik van mening met de president (Mandela) in betrekking tot zijn houding tegenover de waarheidscommissie. Ik ben er niet op tegen de waarheid in de openbaarheid te brengen.


Ik ben er absoluut voor, maar ik geloof dat dit een averechtse uitwerking zal hebben. Dit zal meer haat veroorzaken, die langer zal blijven bestaan, en een verzoeningsproces in Zuid-Afrika zal vertragen” Dit zei generaal Constand Viljoen op 18 augustus dit jaar in een rede tot het Zuidafrikaanse parlement.

Uittreksels van zijn rede worden nu verder geciteerd. In het algemeen pleitte hij voor verzoening en onderhandelingen met andere partijen. Hij betuigde zijn steun aan het programma voor wederopbouw en ontwikkeling (RDP), zij het wat gereserveerd. Hij vindt de economische stabiliteit erg belangrijk. Het vertrouwen van investeerders moet versterkt worden. Positieve actie moet gehanteerd worden met grote omzichtigheid om zekerheid te hebben dat het geen nieuwe vorm van reservering van banen zal worden, met rassendiscriminatie in omgekeerde orde.

Over de veiligheid werd gesproken, waarbij speciaal gewezen werd op de moord op politieagenten, boeren onschuldige burgers en zwarten. Het aantal wapens zonder vergunning werd als een probleem genoemd. Generaal Constand Viljoen was van mening dat de oplossing gedeeltelijk lag in voldoende politie in de gemeenschappen. Het potentieel van zelfbescherming in de verschillende gemeenschappen was net zo belangrijk.

Constitutionele stabiliteit door middel van een uiteindelijke oplossing die voldeed aan de behoeften van de verschillende gemeenschappen werd benadrukt als een heel belangrijk aspect. “Ons probleem is wezenlijk. Momenteel zijn wij een minderheidsgroep, maar wij wensen zeer onze identiteit, onze specifieke waarden, onze levenswijze te behouden. We wensen zeer onze culturele trots en ons erfgoed te behouden, en niet in de enorme aantallen onder te gaan”

Verder zei de generaal: “We wensen zeer het gevoel te behouden dat we vrij zijn. Voor ons betekent dit o.a. het volgende:
Ten eerste: Het recht om ons eigen lot te bepalen,
Ten tweede: Het recht van onze ouders om het onderwijs van hun kinderen overeenkomstig de leerstellingen te beheersen,
Ten derde: Het recht om te protesteren en onze gemeenschap te beschermen tegen verderfelijke zaken als pornografie en gelegaliseerde abortus,
Ten vierde: De beheersing door onze gemeenschap van een televisiekanaal en radio die op onze gemeenschap gericht zijn,
Ten vijfde: Het recht om ons christelijk geloof uit te dragen en onze christelijke normen, overeenkomende met onze opvattingen, te handhaven.
Ten zesde: Het recht om een gemeenschapsraad op plaatselijk niveau te hebben met maximale controle op de zaken van onze gemeenschap, inclusief onderwijs in de moedertaal van de gemeenschap”.

“Als wij dit zeggen en deze wensen uitspreken, zo accepteren wij dat er geen discriminatie zal zijn, dat de systemen die we invoeren op geen enkele wijze beledigend zullen zijn voor onze buren in Zuid-Afrika”