In ‘The Jerusalem Post’ (international edition) zegt de hoofd­redacteur, dat de huidige regering (met name premier Sjimon Peres) altijd tegen het maken van een duidelijke, sterke, gewapende afscheiding tussen de landstreken van de Joden en die van de Palestijnen in Israël is geweest.

Geen schuttingen met prikkeldraad, wachttorens, electroni­sche waarschuwingsapparaten, mijnen, bunkers, patrouilles van het leger en waakhonden. “We zullen vrede maken, zonder gren­zen”, zei Peres toen Rabin nog leefde. De minister van defen­sie, Ori Orr, legt uit: “Een hekwerk is een zaak van zielkun­de, en zielkunde is geen veiligheid”.

Maar hoe kan het anders? Dat vragen velen zich af, die aldoor de z.g. ‘Oslo-overeenkomst’ hebben verdedigd. Wat blijft er over van het droombeeld van een duurzame vrede? Een woordvoer­der van de regering heeft verklaard: “We moeten voor de duur van een generatie ons afscheiden, totdat we hebben ge­leerd samen te leven. Het droombeeld moet wachten”. Deze politieke verandering van richting heeft verstrekkende gevol­gen. Het betekent, dat er geen ‘Nieuw Midden-Oosten’ komt met vrede en overvloed voor iedereen, een soort super-Benelux in de 21ste eeuw. Het betekent, dat de staat Israël zal terug­gaan naar het getto-achtige bestaan van de jaren 1948-1967, toen terrorisme de overhand had en alle centra van de bevol­king slechts enkele kilometers verwijderd waren van een drei­gende grens.

Alle 850.000 Israëlieten van Arabische afkomst zouden ver­wij­derd moeten worden, wil men veiligheid verkrijgen, maar dat kan niet worden verwezenlijkt. Een paar honderd in Israël wonende Palestijnen kunnen in een handomdraai het hele land op z’n kop zetten. Zij beschouwen rasgenoten, die samenwerken met de Joden als verraders. Leden van de Hamas-organisatie zouden niet aarzelen, de opstand leiding te geven.

Jeruzalem wordt in dit scenario het kind van de rekening. Daar wonen in het oostelijke deel 150.000 Arabieren; de mees­ten van hen bezitten niet de Israëlische nationaliteit. De terroris­ten-organisaties Hamas en Islamic Jihad hebben daar tien kantoren, waar haat tegen het wettig gezag (de Joden) voortdu­rend wordt gevoed. met name drie centra zijn ware broedplaat­sen: de Al Quds universiteit, de Wetenschappelijke Medische Associatie en het ‘Heilige Land Fonds’, die over ruime finan­ciële middelen beschikken.

In het oude stadsgedeelte is het onbegonnen werk de Ara­bieren tussen de Joden uit te halen. De oudste Joodse gebouwen zijn daar, met inbegrip van de Westelijke Muur (voorheen ‘de Klaag­muur’ geheten).

De enige oplossing is, volgens ‘The Jerusalem Post’, de in Oslo gemaakte afspraken grotendeels te schrappen. De vei­lig­heidsdiensten van de staat Israël moeten hun bewegingsvrij­heid volledig terug krijgen in Juda, Samaria en Gaza, waar allerlei gespuis onderdak heeft gevonden.
Het zal niet leuk zijn, Israëlische soldaten te laten bekoge­len met stenen, zoals de jeugd daar jarenlang heeft gedaan, maar het is verre te verkiezen boven bomaanslagen en moorden, vanaf het noorden (Libanon) tot het zuiden. De regering moet hier trouwens niet mee wachten tot de staat Palestina een feit is geworden. Dan nog terroristen verdrijven zal onherroe­pelijk uitlopen op een massaal bloedbad.
De regering moet de waarheid onder ogen zien.

Er bestaat reeds een goed gewapend leger van 50.000 Pale­stij­nen, die bereid zijn te sterven voor de verovering (in hun jargon ‘bevrijding’) van Israël.