Dit is de nacht van 30 april op 1 mei en het jaarlijks hoogte­punt in de satans aanbidding. Men ver­moedt dat de naam, vreemd genoeg, ontleend is aan Walpurgia, een nicht van Boni­facius. Zij was hoofd van een klooster in het Beierse Eichstätt. Daar zette zij zich in voor de strijd tegen hekse­rij en toverij. Daarom koos men na haar dood in 776 als haar naamdag, de dag na de beruchte heksensab­batsnacht: 1 mei. De tegenpartij noemde als tegenzet die nacht toen naar haar en zo is de naam Walpurgisnacht ontstaan.

Dit was waarschijnlijk mede een verbastering van ‘Walkuren-nacht’ een feest dat al vanaf het jaar 300 ( of eerder) door de Germanen werd gevierd, ook in deze nacht, ter ere van het huwelijk van Wodan en de Walkuren, bovenaardse vrouwelijke wezens, die een rol speelden in de strijd.

Deze nacht wordt tot op heden in ere gehouden in occulte kringen.
Hierbij zijn ook veel hooggeplaatsten betrok­ken. Geen wonder, want satan streeft naar wereldheerschappij; en allen die macht zoeken in de wereld kunnen op zijn hulp reke­nen, maar wel op de voorwaarde dat zij hem als god erken­nen.

In de Walpurgisnacht worden overal ter wereld (ook in ons land), door de satanisten godslasterlijke zwarte missen gehou­den, waarbij men allerlei vervloekingen en bezweringen uit­spreekt tegen Jezus en Zijn gemeente.