De Amerikaanse Deputy Minister van Defensie, Douglas J. Feith, heeft in Washington een rede gehouden voor het Amerikaans-Joodse Comité over de huidige stand van zaken t.a.v. de verdediging van de vrije wereld. Het draait allemaal om de oorlog tegen het terrorisme, dat ons dreigt te wurgen. Hij zegt:

“Onze vijand is niet een enkel land of een groep landen, en ook niet zo georganiseerd als een conventionele militaire macht. We kunnen geen omschreven overwinning verwachten en het onderwerpen van mensen of een gebied. We kunnen niet verwachten, dat Amerika grote schade zal worden bespaard en onze strijdkrachten niet verslagen zullen worden. Deze oorlog is buitengewoon ongewoon – verschillend van enigerlei strijd die we in het verleden hebben meegemaakt. Wij zijn bezig met het bevechten van een terroristisch netwerk. Men kan zelfs zeggen een netwerk van netwerken, een vormloze structuur die in vele landen aanwezig is, met inbegrip van onze bondgenoten, zowel als de Verenigde Staten zelf.

Dus het is een ingewikkelde worsteling op veelsoortige fronten. En we kunnen niet vertrouwen op conventionele gewapende macht in een mate die we onder zulke omstandigheden gewend waren in oorlogen in het verleden. Dat is de reden waarom leden van de regering zo vaak de nadruk leggen op het feit, dat we gebruik moeten maken van de volledige reeks van werktuigen van Amerika’s nationale kracht, met inbegrip van de inlichtingendienst, de financiën, diplomatie, moraal, zo goed als militaire middelen.

Fundamenteel voor onze strategie is de bekentenis, dat we niet kunnen volstaan met het verdedigen van onze eigen grenzen. We hebben geen andere keus dan over te gaan tot het offensief.
Ons land is te groot, te kwetsbaar, te vol met grote gebouwen.
We kunnen niets anders doen.

We zijn kwetsbaar door het soort land dat we zijn:
– We liggen open voor de handelswereld, het reizen en de communicaties.
– We heten mensen welkom van overal en we laten hen de levens leven die ze wensen, hun eigen instellingen bouwen, hun eigen godsdienst belijden en leven naar hun eigen opvattingen.
– We respecteren elk individu en gunnen hem/haar een grote mate van privacy.
– Bijgevolg hebben we bezwaren tegen het toezicht van sommige binnenlandse groepen.

We moeten het terrorisme vernietigen waar het begint. Ze moeten zich niet kunnen terugtrekken op een veilige basis. Vele landen, die eerst tolerant stonden tegenover het terrorisme, hebben hun politiek gewijzigd. In sommige gevallen houdt de verandering van gedrag niet in, dat ook hun opvattingen zijn gewijzigd. Onze maatregelen mogen er nu minder dramatisch uitzien dan de oorlog in Afghanistan, zoals het bevriezen van bankrekeningen en het onderscheppen van wapentransporten.

Zoals president Bush heeft gezegd, we moeten speciale aandacht besteden aan landen die terroristen hebben gesteund en wapens ontwikkelen voor massale verwoesting. Zij kunnen onze bondgenoten aanvallen en de USA chanteren (bedreigen met afpersing). De prijs voor onverschilligheid tegenover hen zal een catastrofe zijn.
De wereld moet beseffen, zoals de president heeft gezegd: “Terrorisme is zonde”.

Hierna wijst de minister erop, dat destijds de fascisten niet door argumenten werden verslagen, maar door tanks en bommenwerpers. Extremistische Moslims hebben veel geld achter zich om hen in staat te stellen hun gang te gaan.